Koningin Beatrix heft het glasHet genieten van wijn hoeft zeker geen formele oefening te zijn. Uiteindelijk is wijn gemaakt om genuttigd te worden. De franse wijnboer, met paarse handen van de druivenoogst, schenkt een flinke slok eigen wijn in een Duralex waterglas en drinkt hem in een keer op. Hij snijdt nooit zijn baguette met een mes maar breekt liever een stuk af. Is dit vulgaire? Wat maakt het hem uit! De wijze boer is niet pretentieus, hij is een levensgenieter. Voor hem is wijn een dagelijkse realiteit, geen heilige mysterie. In elk geval is hij meestal te druk met de 1001 taken die zijn wijngaard met zich meebrengt om z’n hoofd te breken over of de Riedel
als wijnglas degelijker is dan de Schott-Zwiesel.

Maar in de ‘formele’ wijnwereld waar veel geld wordt besteed, is dat wel anders. Afgelopen zomer was ik in de Bordeaux op vakantie. Zonder van te voren afspraken te maken reed ik mijn oude Renault 5 bij de chateau’s langs met de vraag of men tijd had een rondleiding te geven. In de meeste gevallen was dit geen probleem, wat voor Lynch-Bages en Cantemerle opmerkelijk was.

Echter, bij Chateau Latour wierp de portier een blik op mijn oude bak en werd ik beleefd afgewezen. Op hetzelfde moment reed een Duitser in pak, in een splinter-nieuwe Audi de oprit op en als een wonder ging het hek voor hem ogenblikkelijk open. Dit heeft misschien minder met etiquette te maken maar meer met het inschatten van wie geld heeft en wie niet. Het voelde in elk geval alsof ik in een pak van het Leger des Heils naar een formeel sjiek etentje was gegaan.

In de formele wijnwereld is imago heel belangrijk. Bij Chateau Cantemerle deed onze gastvrouw haar beklag over de franse supermarktketen J. Leclerc: “Ze hebben Chateau Cantemerle voor €20 in de aanbieding gegooid, bijna de kostprijs van deze wijn. Dat is heel gunstig voor de consument,” vertrouwde ze me toe, “maar slecht voor het imago van een Grand Cru Classé.”

Ik begrijp het. Imago is belangrijk. Denk aan de fatsoenlijke Bourgondische Chevalier met z’n ‘tastevin’, de tafel met het witte doek waar zelfs het kleinste voorgerecht een
kunstwerk is. De zwaan van ijs die langzaam in de middagzon wegsmelt. “Wie in Nederland”, dacht ik, “heeft dit soort elegantie, smaak en kennis? Dit soort geld?” En natuurlijk dacht ik meteen aan onze koningin. Zij, het koninklijk huis, is de vertegenwoordiging van alles wat in een land fatsoenlijk zou moeten zijn. Toch?

Lees meer »